Koen Maaskant laat zien hoe OrangeX organisaties helpt om van onderbuikgevoel naar harde bewijzen te gaan. Data als smeermiddel om impact van subsidies zichtbaar te maken en zo strategisch in te zetten voor maximaal maatschappelijk rendement.
Nederland staat op een kantelpunt: ons verdienvermogen en innovatiekracht staan onder druk. Juist nu is het cruciaal om subsidies en investeringen niet alleen beschikbaar te stellen, maar ze ook meetbaar en strategisch in te zetten.
Het team van OrangeX combineert diepgaande kennis van overheidsprocessen met bewezen ervaring in subsidiemanagement, zodat subsidies en investeringen vanaf de voordeur optimaal worden ingezet voor maximaal maatschappelijk rendement. Hoe dat in de praktijk werkt? In ons interview legt Koen Maaskant precies uit hoe zij organisaties helpen om grip te houden op het resultaat.
Aan tafel met Koen Maaskant
Tegenover mij zit Koen Maaskant. Om te laten zien wie hij is, toont hij een foto van het sterrenstelsel achter zich. Zo’n tien jaar geleden promoveerde hij in de sterrenkunde. Koen is nieuwsgierig en wil graag begrijpen hoe de wereld in elkaar zit. En die nieuwsgierigheid heeft hem langs heel veel verschillende omgevingen gebracht. Eerst in de wetenschap, toen bij ASML. Uiteindelijk ontdekte hij dat de kleinere wereld van start-ups het beste aansluit bij zijn dynamische natuur. Nu werkt hij als zelfstandig ondernemer binnen subsidieregelingen, zoals Seed Capital. Bemiddeld via OrangeX uit Nijmegen. Daarnaast heeft Koen een eigen start-up, Banktrace, die bankdata analyseert voor curatoren om faillissementen beter inzichtelijk te maken.
Actueler dan ooit: het onderzoek naar de effectiviteit van subsidieregelingen zoals Seed Capital krijgt volop aandacht in de media en zelfs in de formatiebesprekingen. Voor wie het nog niet wist: wat houdt de Seed Capital-regeling ook alweer in?
De Seed Capital-regeling is een Nederlandse overheidsmaatregel die investeringsfondsen voor innovatieve start-ups ondersteunt door de inleg van private investeerders te verdubbelen met een renteloze lening tot maximaal € 12 miljoen. Deze fondsen investeren in jonge bedrijven die technologische of creatieve oplossingen ontwikkelen, waardoor zij sneller kunnen groeien en nieuwe producten op de markt kunnen brengen. Voor burgers betekent dit meer innovatieve diensten en technologieën, nieuwe werkgelegenheid en een grotere maatschappelijke impact door oplossingen voor actuele uitdagingen zoals duurzaamheid en digitalisering. De regeling verlaagt het risico voor investeerders door flexibele terugbetaling en winstverdeling, waardoor meer kapitaal naar start-ups stroomt. Zo stimuleert de overheid ondernemerschap en economische groei, wat bijdraagt aan een sterke toekomst voor Nederland en een dynamische, toekomstbestendige samenleving.
Wat was de aanleiding dat je voor de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) bent gaan werken?
Via een externe training leerde ik de teammanager van de RVO regeling kennen en kwam ik er achter wat voor unieke data de Seed Capital regeling had. Ik heb vervolgens gevraagd of ik de subsidieregelingen van deze Seed Capital meetbaar mocht maken. De aanleiding hiervoor was dat ik geloof dat de RVO echt goede regelingen heeft, maar dat er nog te weinig over gecommuniceerd wordt. Als je impact maakt, moet je er ook over vertellen, anders word je niet gezien. En gezien worden is heel belangrijk, omdat je zo veel meer invloed kunt krijgen.
Vanuit daar ben ik in gesprek gegaan met RVO-managers. Op dat moment stond Seed Capital net aan de vooravond van haar 20-jarig jubileum. We besloten gezamenlijk om het onderzoek dat ik zou doen, te publiceren op dit evenement. Ik ben letterlijk de systemen ingedoken om te zien welke informatie beschikbaar was. De datakwaliteit bleek goed op orde: exact welk fonds, wanneer welk bedrag had geïnvesteerd. Daarmee kon ik aan de slag.
Op basis van de financiële parameters heb ik het succes van de regelingen kunnen meten. Echter, de opbrengsten van bedrijven vertelden nog niks over de bredere context, zoals de maatschappelijke opbrengst.
En juist die maatschappelijke context is erg belangrijk, dus de impact van betere software voor ambulances om sneller bij patiënten te komen. Of een innovatieve ontwikkeling waarmee een radarsysteem ontwikkeld wordt waarmee drones uit de lucht kunnen worden gehaald, wil je bereiken.
Naar voren kwam dat beide parameters, financieel en maatschappelijk, heel waardevol zijn en de ene vaak het andere opvolgt. Dus je moet als onderneming commercieel succesvol zijn om te kunnen groeien. Met een groter marktaandeel krijg je ook meer impact op de maatschappij. Economische waarde is noodzakelijk voor de maatschappelijke waarde.
Data inzetten om de regels aan de voorkant aan te scherpen, met als doel subsidies zo rechtmatig en effectief mogelijk te besteden. Hoe heb je deze data toegepast?
Belangrijk is om weg te blijven van het subjectieve, het onderbuikgevoel, en juist scherp te meten.
Dit hebben we gedaan door data te analyseren met twee kerndoelen: 1. Het analyseren van de impact die er is gemaakt. Dit hebben we kwantitatief gedaan, zodat we niet alleen kunnen laten zien hoe iets verandert, maar ook hoeveel. 2. Interne aansturing: kijken wat je intern nog meer kunt verbeteren om de subsidieregelingen effectiever en efficiënter in te richten.
Als bijvoorbeeld blijkt dat er een behoefte is aan betere zorg, dan kun je in de subsidievoorwaarde opnemen dat de start-up zich meer bezighoudt met dat gebied. De uitkomsten van de impact kun je gebruiken om je voorwaarden aan te scherpen en gerichter door te investeren.
De analyse is gedaan in opdracht van de Seed Capital managers, dus de subsidieverlener vanuit Economische Zaken. Daarnaast zijn we in gesprek gegaan met de gebruikers van deze Seed Capital-regelingen, de investeerders. Dit gebeurde via een taskforce die de 130 fondsen vertegenwoordigde. Hierbij werd gekeken naar de effectiviteit, maar hier kwamen ook de bottlenecks naar voren.
Bijvoorbeeld de behoefte vanuit de investeerders voor een vervolg op de start-upregeling in de vorm van een scale-upregeling. Kapitaal is nodig om de volgende stap te zetten en van een start-up een scale-up te maken.
Het liefst zou ik dit nog breder willen trekken. Mijn hoop is dat we leren van de manier waarop we naar data kunnen kijken en naar de opbrengst van deze regeling. Niet alleen voor Seed Capital, maar ook voor andere initiatieven van de overheid om zo de overheid efficiënter te krijgen. Hoe kun je als organisatie, in dit geval de overheid, zo goed en gericht mogelijk geld uitgeven. Maar bovenal hoe meet ik dat en welke impact heeft dat?
Je werkt via OrangeX voor Seed Capital. Wat is de rol van OrangeX hierin geweest?
OrangeX werkt met gespecialiseerde interim-professionals aan het realiseren van de uitvoering van subsidieprocessen. Zij zijn dé schakel tussen uitvoeringsorganisaties, zoals gemeente/provincie/overheid, en de professionals. Daarbinnen heeft OrangeX mijn rol gefaciliteerd binnen de RVO. Als we met al deze partijen er samen voor zorgen dat we met de juiste data werken om zo de impact te meten, dan kunnen we betere regelingen realiseren. Dit is een win-win voor alle partijen: zo werken we aan een beter Nederland van morgen.
Hoe benutten we vandaag data en technologie om meer impact te maken?
We leven nu in het digitale tijdperk waarin alles connected is. Zo’n 20 jaar geleden werden regelingen nog bijgehouden in multomappen. Toen had je nog geen impactmeting, omdat data niet gerangschikt en goed gestructureerd was zoals nu. We leven nu in een uniek tijdperk. Dit geeft ons nu een mooie opportunity, de impact inzichtelijk te maken. We kunnen nu veel beter data voor ons laten werken, de technologie beter benutten en effectiever inzetten. Hiermee dus ook de overheid meer als bedrijf laten functioneren.
Hoe ziet jouw ideale wereld eruit?
Subsidies moeten in de basis effectief zijn en zo niet, dan vind ik niet dat je ermee door moet gaan. Als iets niet werkt, moeten we er conclusies aan verbinden, actie ondernemen en ermee stoppen. Wat wel werkt: nog verder herstructureren en uitbreiden, waarbij we niet steeds nieuwe dingen bedenken, maar voortborduren op reeds goedwerkende subsidies.
Mijn fundamentele hoop is dat burgers zoals Henk en Ingrid op het marktplein van Spijkenisse kunnen uitleggen hoe de Seed Capital-regeling goed voor hen is geweest. Dat zij weten wat het hen gebracht heeft.
Als we willen dat de burger meer vertrouwen krijgt in het uitgegeven belastinggeld, zullen we het ook voor de burger tastbaar moeten maken. Dat zij weten dat onder de vlag van Seed Capital de ambulance bij hen in de buurt 1 minuut sneller rijdt naar een spoedgeval en daardoor vorig jaar het leven van Henk was gered. En dat er middels de regeling medicijnen zijn ontwikkeld waarmee hun buurman langer en gezonder leeft.
Het is aan gemeentes, provincies en de rijksoverheid om transparanter te werken voor de burger. Meet de opbrengsten van de uitgebrachte subsidie en gebruik dit inzicht om vertrouwen te winnen. Er gaan namelijk door de inzet van subsidies ook een heleboel dingen wel goed.









